Maandelijks archief: november 2019

De Zes Nevenoefeningen

In het boek De wil tot vrijheid wil Valentin Wember de kerngedachte van het tweede deel van de ‘Filosofie der Vrijheid’ duidelijker maken. Het boek raad ik aan om te lezen, omdat het inspireert om met vrijheid aan de slag te gaan. En, omdat er mooie verbindingen worden gelegd naar de Moabiter Sonnetes van Albrecht Haushofer (Hij heeft in een nazi gevangenis Sonnetes over vrijheid geschreven).  Het laatste hoofdstuk van dat boek, genaamd: ‘De weg’ legt een verband tussen de zes nevenoefening die Rudolf Steiner in diverse andere boeken beschreven heeft en de ‘Filosofie der Vrijheid’. Op deze praktische oefeningen wil ik graag kort ingaan, omdat ik denk dat ze waardevol zijn.

Zoals Rudolf Steiner beschrijft in het tweede deel van zijn boek is de mens niet per definitie vrij, maar kan de mens een vrije mens worden. Dat moet hij of zij dan wel zelf willen. De mens kan zich namelijk alleen zelf vrijmaken. De mens is vrij als deze zichzelf denkend bepaalt (zie ook de samenvatting van hoofdstuk 9 van de ‘Filosofie der Vrijheid’). De onderstaande oefeningen helpen bij het ontwikkelen van de eigen vrijheid.

  1.  Ontwikkeling van het denken. Je kunt je eigen denken ontwikkelen door dagelijks geconcentreerd over een bepaald onderwerp ten minste vijf minuten na te denken. Het is verstandig om dan een alledaags voorwerp te kiezen en daar aandachtig minimaal vijf minuten over na te denken. Bijvoorbeeld een potlood. Het is van belang dat je alleen gedachten over dat voorwerp ontwikkelt en dat je niet afdwaalt naar andere gedachten. Bijvoorbeeld: wat is de functie van het potlood? Waarvan is het gemaakt? Hoe is het gemaakt? Denk bijvoorbeeld een week over dit voorwerp na en ga pas over op een volgend voorwerp als je echt niet meer gedachten kunt vormen over het potlood. Het denken verdiept zich op het moment dat het moeilijker wordt om nieuwe gedachten te vormen. Steiner schrijft dat het goed is om eerst een maand aan deze oefening te werken en dan over te gaan op de volgende oefening. Na verloop van tijd zul je merken dat het denken soepeler wordt.
  2.  Ontwikkeling van de wil. Verricht iedere dag een handeling op een vast tijdstip die je normaliter niet zou verrichten en die je helemaal zelf hebt bedacht. Bijvoorbeeld: doe je horloge om en af om 12:00 uur. Let op: bedenk wel zelf een handeling. Houd deze oefening minimaal een maand vol. Schenk zo nu en dan ook aandacht aan de eerste oefening.
  3. Ontwikkeling van gelijkmoedigheid. Ga niet mee in de emotie die je voelt. Word je de emotie wel bewust en laat die ook op je inwerken (probeer die te begrijpen), maar laat je er niet door leiden. Kies momenten op de dag, dat je dit bewust oefent. Het is niet de bedoeling dat je door deze oefening afstompt, maar dat je je niet langer laat leiden door de golven van de emotie. Niet langer: ‘himmelhoch jauchzend und zu tode betrübt’. Houd dit een maand vol en schenk zo nu en dan aandacht aan de eerdere oefeningen.
  4. Ontwikkeling van positiviteit. Probeer in alles ook het positieve te zien. Maak je niet blind voor het negatieve, maar probeer ook het positieve te zien. Er is een legende van Christus Jezus waarin hij met een groep mensen langs een dode hond loopt. De anderen wenden zich af van het dode dier, maar Christus Jezus spreekt bewonderend over de mooie tanden van het dier.Houd dit een maand vol en schenk zo nu en dan aandacht aan de eerdere oefeningen.
  5. Ontwikkeling van onbevangenheid. Probeer iedere indruk die je meemaakt zo te beleven, alsof die volledig nieuw voor je is. Ook van een kind kun je eindeloos veel leren. Ook hier geldt: houd dit een maand vol en schenk zo nu en dan aandacht aan de eerdere oefeningen.
  6. De juiste balans tussen de oefeningen. Probeer na deze vijf maanden alle oefeningen met een vaste regelmaat uit te voeren en vind de voor jou juiste balans.

Wat hierboven kort beschreven staat wordt uitvoerig behandeld in het boek van Valentin Wember. De bovenstaande tekst beoogt dan ook zeker niet het boek te vervangen. Indien je Duits kunt lezen is AnthroWiki ook een waardevolle bron. Daar staan ook alle boeken van Rudolf Steiner beschreven waarin de Nevenoefeningen behandeld worden.